Menu

Die impact is enorm, dat hakt er echt in

Die impact is enorm, dat hakt er echt in

Interview Marga Trentini – Omgangshuis

Marga is coördinator begeleide omgang en coördinator van het omgangshuis: dit is een veilige en neutrale plek waar gescheiden ouders (vaders) onder toezicht met hun kind kunnen spelen en tijd kunnen doorbrengen.

 

1. Op welke manier werk je nu anders?

“Ik werkte al wel eens thuis, maar ook vaak op de Pan [kantoor aan de Panovenlaan, red.]. En nu zit ik aan de keukentafel te bellen, mailen en videobellen. Dat is wat ik de hele dag doe. Ik mis m’n collega’s wel maar op de Panovenlaan zie je elkaar maar dan ben je vaak bezig of druk. Nu plan je het contact echt in en besteed je bewust aandacht aan elkaar.”

 

2. In hoeverre heeft deze manier van werken invloed op je werk?

“De invloed is enorm want wij huren een fysiek pand wat we op zaterdag gebruiken, dat is nu volledig weggevallen. Er zijn ook allerlei zaken die we hebben moeten annuleren zoals trainingen, het werven van vrijwilligers, een conferentie; ik had heel veel georganiseerd wat nu allemaal stil ligt. Dat is gedeeltelijk met filmpjes op te lossen maar het ergste is toch wel de vaders die hun kinderen nu niet kunnen zien. Die impact is enorm, dat hakt er echt in.”

 

3. Maak je je zorgen over deze ontwikkeling?

“Ik heb wel enige zorgen ja. Veel vaders hadden geen alternatief voordat ze naar het omgangshuis konden, werden toen geënthousiasmeerd en kunnen nu wederom hun kinderen niet ontmoeten. Ik maak me ook zorgen over een eventuele verlenging na 28 april, als we nog steeds niet open kunnen. De teleurstelling zal enorm zijn en alleen maar meer spanning veroorzaken. Ik ben overigens niet echt bang voor escalaties, er is ondanks de teleurstelling wel begrip voor de situatie. Zorgen heb ik ook over de kinderen die thuiszitten in een situatie waar geweld aan de orde is. Nu zijn onze maatschappelijk werkers daar gelukkig druk mee bezig. Ikzelf probeer moeders te stimuleren om te videobellen, onder bepaalde voorwaarden zodat de kinderen toch hun vader kunnen zien en spreken. Maar ik probeer op die manier ook zicht te krijgen op hoe een kind erbij zit; soms sluis ik ze even naar de slaapkamer zodat ze alleen kunnen praten en niet beïnvloed worden door een ouder in huis die meeluistert. Dan bel ik de vader in, zodat er toch even een contactmoment is. Ik ben daar overigens wel voorzichtig mee, je wil een kind immers niet in een loyaliteitsconflict brengen. Wat ik tevens toepas en wat blijkt te helpen is het betrekken van mijn hond bij de videogesprekken tussen vaders en kinderen. Dan voel ik me minder een indringer, ik kan dan iets meer op de achtergrond blijven. Als het gesprek stil valt dan ‘vraagt’ mijn hond iets, en dan breng je wat luchtigheid in zo’n gesprek. Missy, de hond, is de nieuwste medewerkster van het Omgangshuis.”

 

4. Wat krijg je nog meer terug van cliënten nu deze situatie zo anders is?

“Ik krijg regelmatig filmpjes en video’s van moeders met kleine kinderen die staan te dansen of te spelen, die zijn vaak te klein om te (willen) videobellen. Die stuur ik dan door naar de vader. Van een aantal moeders krijg ik terug dat ze genieten van deze tijd, omdat ze eindelijk even bij kunnen komen van een moeilijke, gespannen periode. De wereld staat even uit, ze kunnen gaan verwerken, ze hoeven even niks. Ook niet naar het omgangshuis. Een mooie ontwikkeling is dat er twee moeders zijn die stappen hebben durven maken richting vader; hun telefoonnummer durven delen bijvoorbeeld en het toelaten dat de kinderen mogen videobellen. Er was een jongetje van vijf wat twee uur met zijn vader heeft mogen videobellen! We horen helaas ook terug dat niet elk kind het mag, en dat de moeder alles tegenhoudt. Daar is dan ruzie over, dat is wel schrijnend.”

 

5. Wat wil je zo blijven doen na de coronacrisis?

“Ik hoop dat we de kwaliteit van de samenwerkingen kunnen blijven behouden. Er is altijd wel samenwerking geweest, intern en extern, maar het is net of men nu dichterbij elkaar staat. Je belt wat makkelijker, het is wat levendiger en persoonlijker. Men informeert en inspireert elkaar meer. En dit terwijl ik zo vaak hoor in overleggen dat er beter en meer samengewerkt moet worden. Ik zou het een goed idee vinden als dit behouden blijft, bijvoorbeeld in de vorm van zo’n filmpje wat Arie [de Vries, bestuurder van Sterker sociaal werk, red.] stuurde. Dat heeft me echt iets gedaan.

Hij zou ons kunnen blijven stimuleren om elkaar op te zoeken, dingen te delen, wat vaker Intranet te betrekken bij wat we doen en waar we mee bezig zijn. Ik ben bang dat het wegebt als alles weer normaal is, dus laten we elkaar vooral motiveren om het te blijven volhouden.”

 

6.Wat ga jij overeind houden?

"De structuur! Ik werkte altijd best ongestructureerd, soms ook in de avond en geen dag was hetzelfde. Toen kwam ik deze situatie en aan deze keukentafel dus heb ik structuur aangebracht. Ik begin de dag met een wandelingetje met de hond, ik neem pauze tussendoor en ik dwing mezelf echt om voor 17.30 af te sluiten. Dat deed ik eerst nooit. Deze situatie maakt dat je meer tijd hebt voor bewustwording.“

Terug